Call us now:
De bestuurder heeft altijd adviseurs om zich heen. Hij kan niet alles tegelijk en heeft niet overal verstand van. Het grootste gevaar is dat zijn raadgevers slijmers en intriganten zijn, jaknikkers die op geld, eer, seks en status uit zijn.

Matthias Scheits (1630-1700) Nathan advises King David – Public Domain
Ook Sedulius Scottus (rond 850), een raadgever van de Karolingische vorsten, heeft het over adviseurs. In prachtig proza klaagt hij dat er types onder zitten bij wie achter zoetgevooisde woorden het afschuwelijke gif van de adder schuilgaat.
Sedulius Scottus (9e eeuw)
Hij was geleerde en geestelijke uit de 9e eeuw. Twintig jaar is de man te traceren (van ca. 840 tot ca. 860). Dan verdwijnt hij uit zicht. Hij kwam uit Ierland en verbleef in de intellectuele kringen van Luik.
Sedulius behoort tot de vijf ‘leiderschapsauteurs’ van de negende eeuw. Alle vijf, – Theodulfus, Jonas, Smaragd, Hinkmar én Sedulius – waren geestelijken en schreven een boek met vermaningen en adviezen voor de vorsten en bestuurders van het Karolingische rijk. Dat van Sedulius heet: Over christelijke heersers, De rectoribus christianis
Lesboek: Over christelijke heersers
Hij heeft vermoedelijk zijn handboekje Over christelijke heersers geschreven tussen 843 en 855. Het geeft naast concrete adviezen en vermaningen ook een clichéprofiel van de verdienstelijke leider. Deze is behoedzaam, benaderbaar en vriendelijk. Hij onderdrukt zijn lusten, trots en eventuele wreedheid. Hij promoot het goede en bestrijdt het kwade. Van slechte mensen maakt hij goede. Dat doet hij met raad maar ook met strenge straffen als die nodig zijn.

Bovenal gehoorzaamt de heerser Gods wetten en luistert hij goed naar geestelijken. En wee je gebeente, als hij dit allemaal nalaat. Dan loopt het niet alleen slecht met hem maar met zijn hele rijk en nageslacht af. Want God straft misschien niet altijd onmiddellijk maar op den duur toch altijd en zeker bij zijn laatste oordeel.
Fragment over adviseurs
Uit het leiderschapsboek van Sedulius de nog steeds actuele leiderschapsvraag: hoe je adviseurs en vrienden te kiezen. Er is, zoals Sedulius zegt, veel kaf onder het koren. En met verkeerde adviseurs en foute vrienden lijkt je lot bezegeld. In zijn hoofdstuk 6 gaat hij daar nader op in.

Begin hoofdstuk 6 van het leiderschapsboek van Sedulius Scottus met de letter ‘I’ als draak:
‘In de menselijke aangelegenheden is zoals men zegt niets moeilijker dan in de heftige stormen van dit tijdperk goed te heersen en de staat met vooruitziende blik te regeren.’
Een na oudste handschrift midden 12e eeuw in Walters Art Museum, Baltimore, W12, fol 30r.© 2011 Walters Art Museum, used under a Creative Commons Attribution-ShareAlike 3.0 license.
Sedulius begint met te benadrukken dat raad altijd nodig is. De heerser moet niet denken dat hij alles alleen kan en weet.
Hij waarschuwt vervolgens tegen achterbakse adviseurs en vrienden. Hij eindigt met een lijstje kenmerken van echte vrienden en betrouwbare raadgevers.
Wie waarachtig ja, já, of nee, néé weet te zeggen is degene bij wie emotie en vroom verstand in harmonie zijn”.
Keuze vrienden en adviseurs
Fragmenten uit hoofdstuk 6 Over de christelijke heerser van Sedulius Scottus. Door mijzelf uit het latijn vertaald. De zijkopjes zijn toevoegingen van mijn hand.
Elke leider heeft adviseurs nodig
Zoals zonder roer een schip op de diepte dobbert
En door woeste golven en stormen wordt geslagen,
Zo bungelen eer en de fraaie scepter van het koninkrijk,
En gaan zij, ach, ten gronde bij afwezigheid van goede raad.
Kijk uit voor vleiers
Want er zijn types bij wie achter zoetgevooisde woorden
Het afschuwelijke gif van de adder schuilgaat.
Met vleiende woorden maken zij van alles aannemelijk,
Hun spreken weerklinkt als een verraderlijke valkuil.
De publieke zaak schijnt door hun raad te worden gesteund
Toch zijgt zij ineen: O, te erg voor woorden!
Zoals de welbekende parel wordt verzameld uit vochtige oesters en zoet sijpelende honing uit de bijenkorf, zo is het ook gepast en goed om uit de zuivere bron van vrienden nuttig advies te putten.
Baseer je op goede adviseurs
Vandaar dat het gepast is dat wie nu een gaaf rijk leidt
De zoete druif van raad plukt.
Zoals gazellen vanaf de top van de berg met waakzame blik
alle gevaren opmerken waardoor zij snel naar elders kunnen vluchten, zo zorgt de goede leider ervoor om over spanningen zijn licht te laten schijnen met de lamp van zijn verstand, met vakmanschap en solide adviezen.
Zoals de welbekende parel wordt verzameld uit vochtige oesters en zoet sijpelende honing uit de bijenkorf,
zo is het ook gepast en goed om uit de zuivere bron van
vrienden nuttig advies te putten.
Kenmerken van goede adviseurs en echte vrienden
Een echte hoeder van vriendschap vertoont geen hatelijkheid. Al het goede behaagt hem en al het kwade staat hem tegen.
Wie waarachtig ja, já, of nee, néé weet te zeggen is degene bij wie emotie en vroom verstand in harmonie zijn.
Een krachtig geloof is hem liever dan het leven zelf;
Hij heeft geen idee hoe hij sluwe vallen in zijn geest moet strikken. Geschal van trompetten brengt hem niet van de wijs, want een anker ligt vast in een hart van onwankelbaar geloof.
Rijkdommen, noch bergen goud weten zo’n man te misleiden, wat voorkomt dat zijn kostbare geloof wordt beschadigd.