Het oudste leiderschapsadvies

Er zijn goede redenen om een geschiedenis van Westerse leiderschapsboeken te beginnen met Homerus’ Ilias en Odyssee. Ze zijn het oudste wat we van hier hebben – die bonus krijgen ze – maar er is meer aan de hand. Ze waren ook daadwerkelijk lesboeken voor aankomende leiders.

Niet voor iedereen natuurlijk. De verhalen functioneerden ook als Bildungsroman of als heimweelectuur om te kunnen zwelgen in het verlangen naar vroeger1. Ongetwijfeld lieten vele jongemannen hun hart op hol slaan door de spannende wederwaardigheden van hun helden: van hún Achilles, van hún Odysseus.

En het waren met hun rolmodellen en gesprekken tussen oudere adviseurs en jonge vorsten lesboeken voor leiders2.

Homerus

Het is onduidelijk wie Homerus was en of er wel één dichter achter die naam schuilgaat. De taalkundige en culturele verschillen tussen en binnen beide werken zijn groot, aldus de experts: er komen meerdere dialecten in voor, en zij verwijzen naar verschillende cultuurperioden tussen 1200 en 750 v. Chr. De algemene opinie is nu dat er wel één dichter verondersteld kan worden, die zo rond 750 moet hebben geleefd. Zijn werk, de Ilias en Odyssee, zou rond 600 v. Chr. zijn opgeschreven. Daarvoor moest men het hebben van memoriseren en mondeling overdragen.

Ilias en Odyssee

De Ilias beschrijft veertig bloedige dagen van de Trojaanse oorlog in het tiende jaar van deze oorlog. Om een mogelijk misverstand direct uit de weg te ruimen, het boek gaat niet over de Trojaanse oorlog. Hoewel het verhaal zich afspeelt bij de muren van Troje en het lijkt of het over de strijd tussen de Grieken en Trojanen gaat, is het onderwerp een brisant conflict binnen de Griekse gelederen zelf. Er wordt ruziegemaakt door de twee belangrijkste Griekse leiders, Agamemnon en Achilles.

Agamemnon, de leider van de Grieken, heeft zijn beste krijgsheer en vechter, Achilles, op de kast gekregen. Die laatste heeft zich hoogst verontwaardigd teruggetrokken uit de strijd én uit de krijgsraad, omdat zijn baas zíjn oorlogsbuit, de slavin Briseïs, heeft opgeëist en verkregen3. De oorlog verloopt daardoor voor de Grieken slecht.

De wrok, godin, van Peleus’ zoon Achilles
moet u bezingen. Hij was dodelijk,
bracht voor Achaiërs rampspoed zonder einde
en stuurde naar de Hades vele schimmen
van forse helden; lijken werden voer
voor honden en voor vogels allerhande
.4

Toch is de Ilias niet helemaal het verhaal van gekrenkte trots. Het is ook de geschiedenis van een diepe genegenheid tussen twee jongemannen: Achilles en Patroclus. Of het om een bromance ging of om een FWB, Friends With Benefits, daarover twisten de geleerden tot op de dag van vandaag.

De Odyssee is sprookjesachtiger en beschrijft de tocht van de vorst en krijgsheer Odysseus naar zijn huis op Ithaca. Op die toch maakt hij allerlei avonturen mee die uiteindelijk goed aflopen. Het verhaal heeft een happy end: hij wordt verenigd met zijn vrouw Penelope en zijn zoon Telemachos.

Leiderschapsadviseurs

In beide verhalen komen verschillende leiderschapsadviseurs voor: Nestor, Mentor en Phoenix. De krijgsheer Odysseus heeft soms ook die rol als hij zijn zoon opleidt. Het zijn de senioren die de roekeloze en naïeve jongeren moeten begeleiden.

De namen van de eerste twee personen, Nestor en Mentor, zijn trouwens tot op de dag van vandaag gangbaar gebleven in de wereld van politiek en coaching, zelfs met dezelfde betekenis. Iedereen snapt wat iemand bedoelt als die zegt: ik heb een mentor gezocht.

Wie zijn woede en begeerte niet onder controle krijgt is niet goed bij zijn hoofd en neemt de verkeerde besluiten.

Overwinning van driften

De worsteling met begeerte en boosheid is één van de centrale thema’s in de Ilias. Agamemnon is inhalig -hij wil de slavin Briseis van Achilles afpakken- en weet dat het niet goed is. Zijn peers zien dat beter dan hijzelf en praten op hem in. Hij moet redelijk en verstandig zijn.

Hetzelfde geldt voor Achilles. Ook hij laat zich meer door zijn wrok en verontwaardiging leiden dan door het hogere doel: de terugkeer van Helena en de val van Troje. Ook op hem wordt er ingepraat om zijn harstochten te overwinnen.

Ingres 1780- 1867 De afgezanten van Agamemnon. De oude man rechts is Phoenix.

De top bezoekt Achilles

Een cruciale scene speelt zich af bij de tent van Patroclus, waar ook de mokkende, teruggetrokken Achilles is. Ajax, Phoenix en Odysseus zijn bij hen als afgezanten van Agamemnon en mogen Achilles allemaal beloftes doen. Hij krijgt de mooiste geschenken, de fijnste wapens, het kostbaarste goud. Hij mag als eerste een flink portie uit toekomstige oorlogsbuit nemen. Hij krijgt zelfs zijn slavin Briseïs terug. Agamemnon heeft niks gedaan, heeft niet met haar geslapen. Dat moesten ze hem ook vertellen. Maar Achilles blijft onverzoenlijk.

Speelbal van driften

Phoenix, zijn opvoeder en nu zijn adviseur, kent zijn pappenheimer en weet waar het aan schort bij de jonge Achilles. Hij is speelbal van zijn driften, van zijn hartstochten. Hij geeft de les die later in allerlei varianten steeds opnieuw geformuleerd zou worden in de lesboeken voor leiders: wie zijn woede en begeerte niet onder controle krijgt is niet goed bij zijn hoofd en neemt de verkeerde besluiten.

Phoenix probeert het nogmaals, bijna smekend: Achilles moet echt de handreiking van Agamemnon aannemen, anders is hij nog halsstarriger dan de goden zelf.

Kom, Achilles, toom je trots
Meedogenloos van hart mag je niet zijn.
Zelfs goden, groter toch dan jij in deugd
en macht en achting, laten zich vermurwen5.

Het werkte niet. Ook de welwillende woorden van Odysseus even eerder waren al krachteloos geweest: ‘jij moet in je borst het trotse hart bedwingen, want een mild gemoed is beter. (…) Laat nu de woede die je hart verteert maar rusten6.’

De oproepen waren aan dovemansoren gericht. Achilles bleef wrokkig. Het oudste leiderschapsadvies is tegelijk ook een mislukt advies.

5e eeuw v. Chr. Achilles verzorgt de gewonde Patroclus. Staatliches Museum Berlijn

Wraak

Pas toen Patroclus in de strijd werd gedood keerde Achilles terug in de oorlog. Hij gaat tekeer en doodt ziedend iedereen op het slagveld die zijn pad kruist. Hij slaat zich een weg naar zijn ene doel: Hector, de Trojaanse prins, de man die zijn Patroclus, zijn geliefde, heeft gedood. Wraak is wat hem drijft: opnieuw een blinde drift.

Hij doodt Hector en dat is niet genoeg. Het lijk moet nog onteerd worden en hij wil het niet teruggeven aan zijn vader, Priamus, de koning van Troje. Achilles bindt het lijk met een touw vast aan zijn strijdwagen en rijdt er rondjes mee onder de muren van Troje. Pas als koning Priamus hem bezoekt en hem smeekt het lijk van zijn zoon vrij te geven bedaart hij en komt hij bij zinnen.

Vaas, 5e eeuw v. Chr. Achilles sleept Hector achter zijn strijdwagen.
De gevleugelde figuur achter de rug van Achilles is de ziel van Patroclus

Wat dan wel?

De vraag die de mokkende en wrekende Achilles oproept is of je driften wel met woorden kunt intomen. De woorden van zijn adviseur en opvoeder Phoenix waren niet sterk genoeg om Achilles’ trots te slechten. Zelfs de woorden van de gladtongige Odysseus hadden geen uitwerking. Pas toen zijn geliefde, zijn vriend, zijn minnaar was gedood, kwam hij terug in de strijd, opnieuw gedreven door een drift en met opnieuw fatale gevolgen. De ene drift werd verdreven door de andere. Er kwam geen woord aan te pas.

Hoewel het lijkt of de oude Priamus hem met zijn gesmeek wél bij zinnen kon krijgen, is het maar de vraag of dit daardoor kwam. Is het niet eerder zo dat de driften stopten omdat ze bevredigd waren of omdat ze vanzelf uitdoofden?

Berthold Torvaldsen 1770 -1844, posthuum vervaardigd.
Priamus smeekt Achilles het lijk van Hector vrij te geven

Een sombere les

De Ilias kan men lezen als één grote vermaning aan leiders die tot op het bot in hun eergevoelens gekwetst zijn of door liefde gebroken. Het lijkt of Homerus wil zeggen: pas op, daar komt niet veel goeds vandaan.

Tegelijkertijd is die oudste vermaning ook een les in nederigheid: de driften laten zich met woorden niet goed temmen. De onvermijdelijke conclusie die dus met Homerus getrokken moet worden is dat de effectiviteit van al die raadgevers maar uiterst summier is.


  1. De Jong, Irene J.F. ‘The Birth of the Princes’ Mirror in the Homeric Epics’. In Homer and the Good Ruler in Antiquity and Beyond, onder redactie van Jacqueline Klooster en Baukje Van Den Berg, 20-37. BRILL, 2018. https://doi.org/10.1163/9789004365858_003.
    p. 20 ↩︎
  2. Klooster, Jacqueline, en Baukje Van den Berg, red. Homer and the good ruler in antiquity and beyond. Mnemosyne. Supplements, volume 413. Leiden ; Boston: Brill, 2018.
    ↩︎
  3. Er is opgemerkt dat alle ontwikkelingen in de Ilias het gevolg zijn van fataal geruzie van mannen om vrouwen. Over boosheid en wrok van sterfelijke vrouwen daarentegen zwijgt de Ilias, terwijl daar met al dat gesol met vrouwen toch alle reden toe was. Daarover later meer. Zie bijvoorbeeld: Felson, Nancy, en Laura Slatkin. ‘7. Gender and Homeric Epic’. In The Cambridge Companion to Homer, onder redactie van Robert Fowler en Robert L. Fowler, 1. publ., Repr. Cambridge: Cambridge Univ. Press, 2006. p. 95 ↩︎
  4. Homerus. Ilias: wrok in Troje. Vertaald door Patrick Lateur. Amsterdam: Athenaeum-Polak & Van Gennep, 2010. p. 7 – vers 1. Ik citeer verder uit deze vertaling van Lateur, omdat deze niet zo verheven, gymnasiaal, is. Er valt veel te zeggen over de verschillende vertalingen, zoals de vertaler zelf doet (vanaf p.711) Deze thematiek valt buiten de scope van dit blog.
    ↩︎
  5. Homerus, 2010 p.247 vers 490 ↩︎
  6. Homerus, 2010 p.237 vers 250 ↩︎