Call us now:
Het massieve pand aan het Köllnischen Park in Berlijn doet denken aan de Amsterdamse School. Niets verraadt meer dat hier van 1955 tot vlak na de Wende de Parteihochschule Karl Marx van de communisten was gevestigd. Hier was hun ‘Nyenrode’, hun trots, hun kadersmidse. Hier werd de elite geschoold. Nu wonen er bemiddelde Berlijners in te dure appartementjes.

Karl Marx Hochschule
De Karl Marx Hochschule werd in 1946 gesticht door uit Moskou teruggekeerde Duitse communisten die daar in ballingschap zaten. Daar hadden zij allerlei ideeën van Stalin opgedaan over het belang van een goed geschoold communistisch kader voor de opbouw van het socialisme. Terug in Berlijn richten zij daarom een hogeschool op waar een nieuwe elite intensief geschoold kon worden in het marxisme-leninisme-stalinisme.1.
Weg van een open sfeer
De eerste docenten van de Karl Marx Hogeschool waren ballingen en een enkeling kwam uit sociaaldemocratische kringen. Volgens oud-studenten en oud-docenten was er in de eerste jaren een relatief open sfeer waarin veel kon worden besproken en bediscussieerd2. Dat veranderde toen de communisten in 48 verkiezingen in het oostelijk deel van Duitsland (de Sovjet Bezettingszone) verloren. In Berlijn haalde de sociaaldemocraten bijna de helft van de stemmen en de SED nog geen 20 procent.

Deze nederlaag leidde ertoe dat de SED de touwtjes aantrok en zich een stalinistisch ‘partij van het nieuwe type’ ging noemen. De communistische partij volgde voortaan Lenin en claimde de ware voorhoede te zijn in de historisch-noodzakelijke ontwikkeling tot een socialistische maatschappij.
De zeggenschap in de samenleving werd vervolgens op Sovjet-leest geschoeid en gereguleerd volgens principes van het democratisch centralisme. Dat hield niets anders in dan een volledige bureaucratisering, ‘verharking’ van de samenleving. De Partij nam voortaan alle besluiten over van alles en nog wat en de lagen eronder moesten die uitvoeren. Die onderste echelons moesten vervolgens alles naar boven rapporteren. Tegenspraak, kritiek, creativiteit, twijfel werd niet geduld. Dat zou de klassenvijand maar in de kaart spelen3.
Hoe hoger de ideologische kennis van een student des te beter diens praktische kwalificatie. (Stalin)
Stalinisering van de Karl Marx Hochschule
Op bevel van de Russische autoriteiten moest de Hogeschool strikter in de leer worden. De sfeer was te open geweest en de discussies te vrij, teveel docenten en studenten wilden praktijkgericht onderwijs en onderzoek. Ideologische scholing was volgens hen maar bijzaak. Dat was tegen het zere been van de Sovjets. Ze moesten voortaan de vermaning van Stalin naleven dat hoe hoger de ideologische kennis van een student was des te beter diens praktische kwalificatie was. Dit zou tot de val van de muur het DNA blijven van de Karl Marx Hochschule.

Stalinistische rector Hanna Wolf
In 1950 werd Hanna Wolf benoemd tot rector van de Hogeschool en zij zou 33 jaar haar stalinistische stempel drukken op leergangen, lesdoelen en docenten4. Zij was in 1908 geboren in Polen in een, naar eigen zeggen, klein-burgerlijk zionistisch milieu. In Berlijn werd zij lid van de KPD (Kommunistische Partei Deutschland) en ging in 1932 in ballingschap. In Moskou was ze een groot bewonderaar van Stalin geworden.
Met ‘succes’ smoorde ze intellectuele vrijheid op de Karl Marxhochschule. Vanaf nu waren er nog maar twee zaken belangrijk. Ten eerste de Russische revolutie, en wat daarvan te leren was, en ten tweede de communistische partij, die als enige de mensheid de weg kon wijzen naar de socialistische samenleving.
Beroepsrevolutionairen
De Hogeschool kreeg een monopoliepositie voor beroepsrevolutionairen. Wie hogerop in de partij wilde kon niet zonder diploma van dit instituut5. De opleiding was ook van belang als je iets in de economie of de massaorganisaties wilde betekenen6. De top van de partij had hiermee een instrument in handen om gedurende veertig jaar een trouwe elite te creëren waarop zij kon leunen.
Leiderschap op het curriculum
In 1967 verwerft de ‘Sozialistische Führungswissenschaft’ een officiële plek aan de Hogeschool. Zo staat in beleidsnotitie: ‘Volgens de aanwijzingen van W. Ulbrichts, dat de socialistische leiderschapswetenschap te leren en te onderwijzen is, dat men zich die met theoretische studie en praktische ervaring eigen kan maken, zal deze maatschappijwetenschap voor het eerst als een nieuwe discipline als onderwijsvak op de Partijhogeschool worden opgenomen.7‘

Leider of manager
Wat leerden de jonge mannen en enkele vrouwen hier over leiderschap en management? Is er zoiets als een profiel van socialistische managers? Zeker, die is er, daar kwam ik al snel achter. En wat ik ook leerde was dat ik mijn vraag verkeerd gesteld had. Ideologisch tot op het bot spraken de Oost-Duitsers van ‘Leitung en Führung’ en niet van ‘management’. Dat laatste was een woord van de kapitalisten en imperialisten, van de vijand8.
Terwijl in het moderne kapitalisme de manager staat voor maatschappelijke krachten die voor de arbeider vreemd en vijandig zijn, belichaamt de socialistische leider de maatschappelijke macht van bewust verenigde producenten in wier naam hij handelt.
De bronnen
Hoewel de Duitsers flink werk hebben gemaakt van het onderzoeken van de DDR en de Bondsrepubliek zijn de socialistische leiderschapsopleidingen relatief onderbelicht gebleven. In de archieven van Berlijn vindt men dossiers met leerplannen, correspondentie en beleidsstukken, gewone dossiers dus die zijn na te zien. Er zijn wat lesboeken voor leiders verschenen die men kan analyseren en er is wat secundaire literatuur over leiderschap gepubliceerd in de vorm van artikelen en proefschriften9. Wie zich nader wil verdiepen in socialistisch leiderschap en management kan zijn of haar hart ophalen.

Leerdoelen voor socialistische leiders in spe
Wat de Hogeschool voor ogen stond bij hun leiderschapsopleidingen is klip en klaar. De studenten moesten grondig de klassieken bestuderen en dan bedoelden ze niet Plato en Aristoteles, maar Marx en Lenin. Daarnaast moest alle aandacht gericht zijn op de Partij. Ze moesten een socialistische wil ontwikkelen door actief bij te dragen aan de realisatie van partijdoelen. Hun politieke en morele kwaliteiten ontwikkelden ze door een goed partijlid te zijn. De onvoorwaardelijke trouw aan de SED en aan het marxisme-leninisme was essentieel om in de nomenclatura te worden opgenomen. Alles draaide om de partij en het communisme. Ook werd van het kader volstrekte loyaliteit geëist aan de Sovjetunie. Privé dienden de socialistische leiders een voorbeeld te zijn van loyaliteit, ijver en bescheidenheid.

Bestuderen klassiekers
De leiderschapsopleidingen waren zoals gezegd niet echt praktijk- en handelingsgericht gebaseerd op casestudies of op de eigen praktijk, zoals dat in het Westen bon ton werd. Persoonlijke ontwikkeling was er ook niet bij. De hoofdmoot bestond uit politieke vorming, indoctrinatie zo men wil. De historisch-noodzakelijke rol van de partij, de SED, moest goed tussen de oren komen en daar mocht beslist niet aan getwijfeld worden. Nooit mocht de gedachte ontstaan dat je leiderschap ook los kon zien van de leer. Dat zou een ontkenning van de klassenstrijd betekenen10.
Daarom stonden die klassiekers van Marx en Lenin op de literatuurlijst. De eerste had de ‘objectieve’ wetenschappelijke wetten van de geschiedenis ontdekt, die onontkoombaar tot het communisme zouden leiden. Lenin had er daarna de communistische voorhoede aan toegevoegd. Volgens hem zou de communistische samenleving toch niet helemaal vanzelf ontstaan. Je had er iets voor nodig: een communistische partij. Ook dat pleidooi was ‘wetenschappelijk’. Als er een term ideologisch misbruikt is en wordt tot op de dag van vandaag is dat wel ‘wetenschappelijk’.

Scholastiek socialisme
De DDR leiderschapsopleidingen hadden wel iets weg van de scholastiek van de 13e eeuw in Europa. Ook toen dacht men dat elk actueel probleem kon worden opgelost door de boeken van de klassieke Oudheid en de kerkvaders te bestuderen en te raadplegen. Op eenzelfde wijze dacht men in de DDR alle concrete problemen tegemoet te kunnen treden. Was alles immers niet bekend sinds de ontdekkingen van Marx en Lenin?!
Politieke beïnvloeding volk
Niet alleen de leiders van de DDR van hoog tot laag moesten het politiek-correcte juiste politieke bewustzijn ontwikkelen maar ook alle andere burgers van de arbeiders- en boerenstaat. Beïnvloeding werd een kerncompetentie: ‘de politiek-ideologische arbeid als kern van leiderschap dat op wetenschappelijke gronden gebaseerd is. Het offensief van het marxisme-leninisme’11.

De leiderschapshark
De geschiedenis van leerboeken voor leiders laat zich opdelen in twee grove categorieën: lesboeken die zich richten op het gedrag van individuele leiders en handleidingen die zich richten op de plek van de leider in de ‘hark’. De eerste soort lesboeken maakt aspirant-leiders duidelijk hoe ze hun persoonlijke effectiviteit en moraliteit kunnen vergroten, de tweede wat hun plek in de piramide is, wat ze vooral níét mogen.
De DDR-plannen en -lesboeken behoren tot de tweede categorie. Men leest steeds dat de socialistische leiders zich opgenomen moeten weten in één alomvattende bureaucratische piramide die zich uitstrekt over alle maatschappelijke domeinen van de laagste niveaus in buurten, bedrijven en zorginstellingen tot het hoogste: het Politbureau.
Leidinggevenden in deze ‘hark’ hadden twee belangrijke taken: de besluiten van ‘boven’ gehoorzaam uitwerken en uitvoeren, en alle informatie van beneden weer naar boven spelen. Iedereen in het leiderschapssysteem werd ingezet als vehikel van de Partij. Leiderschapsontwikkeling was vooral leren je plaats te weten.

Tegen de vijanden
Het leidinggevende kader moest altijd op haar hoede zijn voor de vijanden van het socialisme, zowel binnen de DDR als erbuiten. Die waren zowel in de Bondsrepubliek te vinden, het broeinest van kapitalisme en imperialisme, als in de eigen gelederen. Dit was een reden te meer voor onderwijs in de marxistisch-leninistische ideologie. De compromisloze strijd tegen alle vormen van burgerlijke ideologie werd van elke leider geëist op welk niveau dan ook in de leiderschapshark12.
De voorwaarde die door ons onderwijs en onze vorming gecreëerd moet worden is grondige kennis van het marxisme-leninisme en de vaardigheid, offensief, op hoog wetenschappelijk niveau, begrijpelijk en overtuigend de politiek van onze Partij uiteen te zetten en de ideologie van de tegenstanders te verslaan.13
Methoden van leidinggeven
Wanneer de leerplannen en in het verlengde daarvan de lesboeken concreet worden en antwoord geven op de vraag wat doet een socialistische leider dan, verschilt het antwoord niet veel van het Westen in die tijd. Al waren daar sinds de jaren vijftig al scheuren aan het ontstaan in het paradigma van de planbare samenleving.
Spontaniteit, zelfbestuur of zwakker gezegd, het inspelen op de omstandigheden, werd amper of niet getolereerd. Een enkele DDR-econoom brak een lans voor de moderne ‘cybernetica’ en opperde wat meer discretionaire ruimte voor de onderste lagen in de hark, maar veel weerklank vond het niet. De partij wist immers alles, omdat zij de hoeder was van de waarheid door Marx en Lenin onthuld. De werkelijkheid zelf was buiten de orde geplaatst.
De socialistische leiders kregen ook nog les in het verzamelen van informatie, analyseren, plannen, organiseren, coördineren en controleren. Ze noemden dat ‘Rationelle Leitung’. Het blauwdrukdenken in de socialistische bureaucratie had de alleenheerschappij.

Mensenwerk
De gedragskant van leiderschap, zowel in de zin van hoe geef je leiding aan jezelf als aan andere mensen – oude leiderschapsthema’s die in de 20e eeuw in het Westen in zelfhulpboeken en de sociale psychologie terugkomen – is amper te vinden. Een uitzondering is het zelfhulpboek Erfolgreich leiten – aber wie? dat geen enkele verwijzing naar de partij en het marxisme-leninisme heeft. Het bevat case studies, cartoons en tips en verscheen in 1988, vlak voor de Wende.
Didaktiek
De methoden van onderwijs op de Karl Marx Hogeschool omvatten colleges, praktijkopdrachten, excursies en de klassiekers en misschien nog wel meer het grondig tot zich nemen van de besluiten van de Partij. Hoewel er sprake was van ‘zelfwerkzaamheid’ wilde dat niet zeggen dat de ervaringen die de studenten opdeden vrij en creatief geïnterpreteerd en verwerkt konden worden. Alles moest en zou binnen de lijntjes plaatsvinden die door de Partij waren getrokken.

Het einde
Dan werd het najaar 1989 en viel de Berlijnse muur en spatte de socialistische droom uiteen. Er waren nog even plannen om de Karl Marx Hochschule een doorstart te geven. Het mocht niet baten. Begin 1990 werd de school ontbonden, het personeel ontslagen of met pensioen gestuurd. Een groot deel van de DDR-elite verdween en wie bleef kreeg herscholing in Westers management, marketing en ondernemerschap, die werd gemarineerd in de nieuwe ideologie.
Voor de derde maal in dezelfde eeuw kreeg Duitsland met een elitewisseling te maken en zouden de lesboeken voor leiders herschreven worden…
- Orlow, Dietrich. The Parteihochschule Karl Marx Under Ulbricht and Honecker, 1946-1990 the Perseverance of a Stalinist Institution. Palgrave Studies in Political History. Cham: Springer International, 2021. p.6 http://erf.sbb.spk-berlin.de/han/872773256/ebookcentral.proquest.com/lib/staatsbibliothek-berlin/detail.action?docID=6838750.
↩︎ - Orlow, Dietrich. 2021. p. 7. ↩︎
- Orlow, Dietrich. 2021. p. 8 ↩︎
- Wolf, Hanna | Bundesstiftung zur Aufarbeitung der SED-Diktatur (bundesstiftung-aufarbeitung.de) ↩︎
- Pieper, Rüdiger. ‘Westliches Management – östliche Leitung: Ein Vergleich von Managementlehre und DDR-Leitungswissenschaft’. In Westliches Management – östliche Leitung. De Gruyter, 2019. https://doi.org/10.1515/9783110873955. p.42
↩︎ - Schroeder, Klaus. ‘I. Das politische System’. In Der SED-Staat: Geschichte und Strukturen der DDR, 483-624. Köln: Böhlau Verlag, 2013. p.505 https://doi.org/10.7788/boehlau.9783412212186.
↩︎ - Parteihochschule ‘Karl Marx’ beim ZK der SED. ‘Inhaltsbestimmung des Unterrichts Parteihochschule Karl Marx’. Archiefstukken. Berlijn, 1967. DY/30/87142. Bundesarchiv Berlijn.
↩︎ - Taubert, Horst. ‘Über die sittliche Verantwortung des sozialistischen Leiters in der Industrie’. Deutsche Zeitschrift für Philosophie 9, nr. 6 (1 juni 1961): 681-97. https://doi.org/10.1524/dzph.1961.9.6.681. p.686
↩︎ - Bijvoorbeeld lesboeken: Thamm, Johannes. Die Aufgaben und Prinzipien der sozialistischen Leitung der Industrie. Diskussionsbeiträge zu Wirtschaftsfragen. Berlin : Verlag Die Wirtschaft, 1956; Frohn, Gerhard. Rationell leiten : Ratgeber für Organisation und Analyse der Tätigkeit sozialistischer Leiter. 7., Bearb. Aufl. Berlin : Verl. Die Wirtschaft, 1972; Thamm, Johannes. Der Meister als sozialistischer Leiter. Berlin : Verlag die Wirtschaft, 1978;Schneider, Klaus. Erfolgreich leiten – aber wie? Psychologie populär. Berlin: Dt. Verl. der Wiss., 1988.
Secundaire literatuur: Hübner, Peter. ‘Industrielle Manager in der SBZ/DDR. Sozial- und mentalitätengeschichtliche Aspekte’. Geschichte und Gesellschaft 24, nr. 1 (1998): 55-80; Schroeder, Klaus 1949-. Der SED-Staat Geschichte und Strukturen der DDR. 3., Vollständig überarbeitete und stark erweiterte Neuausgabe, Digitale Originalausgabe. Online-Ressourcen, 1134 Seiten 61 s/w-Abb. auf 32 Taf. vols. Köln/Wien: Böhlau Verlag, 2013. https://doi.org/10.7788/boehlau.9783412212186;Körner, Konstanze. ‘Leitungsstile in der DDR : ein Vergleich der Eliten in Partei, Industrie und Dienstleistungszweig 1971 bis 1989 / Konstanze Körner.’ Bewerkte handelseditie, Metropol, 2016.
↩︎ - Parteihochschule “Karl Marx” beim ZK der SED, 1968, p. 4 ↩︎
- Parteihochschule “Karl Marx” beim ZK der SED. ‘Konzeption der Arbeitsgruppe Wissenschaftliche Führungtätigkeit für den Unterrichtsabschnitt’. Archiefstukken. Berlijn, 1968. DY/30/87142. Bundesarchiv Berlijn. p.10
↩︎ - Schroeder, Klaus. ‘I. Das politische System’. In Der SED-Staat: Geschichte und Strukturen der DDR, 483-624. Köln: Böhlau Verlag, 2013. p.508https://doi.org/10.7788/boehlau.9783412212186.
↩︎ - Parteihochschule “Karl Marx” beim ZK der SED. ‘Konzeption der Arbeitsgruppe Wissenschaftliche Führungtätigkeit für den Unterrichtsabschnitt’. Archiefstukken. Berlijn, 1968. DY/30/87142. Bundesarchiv Berlijn. p.6
↩︎
Socialistische ‘verharking’